Nederlandse versie
Meaning of
"uitlokken"
in English language
Dutch to English
English to Dutch
Dutch
English
uitlokken
challenge
uitlokken
defy
uitlokken; doen ontstaan
elicit; to trigger
uitlokken
evoke
uitlokken
incite
uitlokken van een miskraam
miscarriage; inducing a miscarriage
uitlokken
provoke
uitlokken, losmaken
provoke, (release)
uitlokkende factor
trigger; eliciting factor