Nederlandse versie
Meaning of
"voorbij"
in English language
Dutch to English
English to Dutch
Dutch
English
voorbijgaand
acute
voorbij
beyond
voorbij
by
voorbijstreven
exceed
voorbij
last
voorbijgestreefde
out paced
voorbij
over (finished)
voorbijrijden
overhaul
voorbijvaren
overhaul
voorbijgeschoten
overshot
voorbijgaan
overtake
voorbijrijden
overtake
voorbijstreven
overtake
voorbijvaren
overtake
voorbijgaan
pass
voorbijlopen
pass
voorbijrijden
pass
voorbijvaren
pass
voorbijgaan
pass by
voorbijlopen
pass by
voorbijstreven
pass by
voorbijganger
passer-by
voorbijganger {de}
passer-by
voorbijgangers {mv}
passers-by
voorbijgaand
passing
voorbij
past
voorbij deze grens
past this limit; beyond this limit
voorbij
straight past
voorbijstreven
surpass
voorbijgaand
temporary
voorbijschieten
to overshoot
voorbijgaan
to pass (by)
voorbijgaand verschijnsel
transient phenomenon
voorbijgaand
transitory
voorbijgaande aard, kortstondig
transitory; brief
voorbijvliegen
whiz by
voorbijzoeven
whiz past
voorbijvliegen
whizz by
voorbijzoeven
whizz past