Nederlandse versie
Meaning of
"wijn"
in English language
Dutch to English
English to Dutch
Dutch
English
wijnsteen
argol
wijnvlek {de} (huid)
birthmark
wijnvlek; de bloedvin
birthmark, nevus, naevus
wijnstok
grape
wijnstok
grapevine
wijnstokken
grapevines
wijnmaand
October
wijnrood
oxblood
wijnsteen
tartaric
wijnsteenzuur
tartaric acid
wijnzuur
tartaric acid
wijnberg
vine
wijngaard
vine
wijnstok
vine
wijnbouwer
vine grower
wijnstokken
vines
wijngaard
vineyard
wijngaard {de}
vineyard
wijngaarden
vineyards
wijnbouw
vinicultural
wijnbouw
viniculture
wijnmeter
vinometer
wijn
vinous
wijnoogst
vintage
wijnoogsten
vintages
wijnhandelaar
vintner
wijnhandelaren
vintners
wijnbouw
viticultural
wijnbouw
viticulture
wijn
wine
wijn {de}
wine
wijnvat
wine barrel
wijnvat
wine cask
wijnglas {het}
wine glass
wijnkaart {de}
wine list
wijnpers
wine press
wijnpersen
wine presses
wijnkelder
wine vault
wijnazijn {de}
wine vinegar
wijnglas
wineglass
wijngom, gomsnoepje
winegum
wijnachtig
winelike
wijnrood
wine-red
wijnmakerijen
wineries
wijnmakerij
winery
wijnen
wines