Nederlandse versie
Meaning of
"bereid"
in English language
Dutch to English
English to Dutch
Dutch
English
bereidwilligheid
alacrity
bereidheid verklaren/uitdrukken
express readiness
bereiden
finish
bereidvaardig
kind
bereidwillig
kind
bereidingswijze
method of preparation
bereidvaardig
obliging
bereidwillig
obliging
bereiden van te voren
precook
bereidt van te voren
precooks
bereiding
preparation
bereiding {de}
preparation
bereiding
preparation; make up
bereiden
prepare
bereid (geen bezwaren hebbend)
prepared
bereidingswijze
procedure
bereidingswijze
process
bereidheid
readiness
bereid
ready
bereidvaardig
ready
bereiden
to prepare
bereiden
to prepare; to make up
bereid
willing
bereidvaardig
willing
bereidwillig
willing
bereidwillig
willingly
bereidheid
willingness