Nederlandse versie
Meaning of
"doen"
in English language
Dutch to English
English to Dutch
Dutch
English
doen van afstand
abdicate
doen falen
abort
doenlijk
achievable
doen
achieve
doen
act
doenbaarheid
affordability
doen samenklonteren
agglomerate
doen samenkleven
agglutinate
doen zich voor
arise
doen failliet gaan
bankrupted
doen zwellen
bellied
doen overhellen
bend
doen koken
boil
doen zwellen
bulged
doen
cause
doen barsten
chapped
doen ineenstorten
collapsed
doen afwijken
deflect
doen afwijken
deflected
doen bezinken
deposit
doen ontploffen
detonate
doen ontploffen
detonated
doen ontstaan
develop
doen uitzetten
distend
doen uitzetten
distended
doen
do
doenbaar
do able
doen verdwijnen
drown
doen opleven
enliven
doen verdampen
evaporate
doen
execute
doen alsof
feign
doen pluizen
flocculate
doen schrikken
frighten
doen
get
doen
give
doen alsof
give as an excuse
doen na
impersonate
doen overhellen
incline
doenoverhellen
incline
doen zwellen
inflate
doenzwellen
inflate
doen ontbranden
kindle
doenontbranden
kindle
doen ontbranden
light
doenontbranden
light
doen
make
doen smelten
melt
doensmelten
melt
doen
move
doen te niet
nullify
doen te vol
overfill
doen
perform
doen alsof
pretend
doenalsof
pretend
doen falen
quash
doenfalen
quash
doen leunen
recline
doen leunen
reclined
doen over
redo
doen van afstand
renounce
doen over
resit
doen herleven
resurrect
doen herleven
resurrected
doen herleven
revive
doen herleven
revived
doen rinkelen
ring
doenrinkelen
ring
doen schommelen
rock
doenschommelen
rock
doen schrikken
scared
doen toekomen
send
doentoekomen
send
doen schudden
shake
doen wankelen
shake
doenschudden
shake
doenwankelen
shake
doen mislukken
shipwrecked
doen walgen
sicken
doen gewalgde
sickened
doen walgt
sickens
doen zinken
sink
doenzinken
sink
doen escaleren
snow balled
doen teniet
stultify
doen schommelen
swing
doenschommelen
swing
doen
take action
doen schrikken
terrify
doenschrikken
terrify
doen overhellen
tilt
doenoverhellen
tilt
doen verminderen
to decrement
doen afbuigen
to deflect
doen slinken
to diminish
doen
to do
doen schuimen
to foam
doen ontbranden
to ignite
doen alsof
to pretend
doen toekomen
transmit