Nederlandse versie
Meaning of
"oorlog"
in English language
Dutch to English
English to Dutch
Dutch
English
oorlogszuchtig
bellicose
oorlogszuchtigheid {de}
belligerence
oorlogszuchtig
belligerent
oorlogvoerende partij
belligerent
oorlogvoerende partijen
belligerents
oorlogsverklaring {de}
declaration of war
oorlog van beduidende omvang, (oorlog met gebruik van alle middelen)
full-fledged war, (full- scale war)
oorlogsspel
kriegspiel
oorlogvoeren
make war
oorlogszuchtig
martial
oorlogszuchtig
militant (belligerent)
oorlogs-
military
oorlog voeren
wage war
oorlogvoeren
wage war
oorlog voeren tegen
wage war against
oorlog voeren tegen
wage war on
oorlog
war
oorlog {de}
war
oorlogscorrespondent {de}
war correspondent
oorlogsmisdaad
war crime
oorlogsmisdaad {de}
war crime
oorlogsmisdaden {mv}
war crimes
oorlogsmisdadiger
war criminal
oorlogsschade
war damage
oorlogsspel
war game
oorlogsverf
war paint
oorlogsslachtoffers
war victims
oorlog
warfare
oorlogvoering
warfare
oorlogszuchtig
warlike
oorlogspad
warpath
oorlogspadden
warpaths
oorlogen
wars
oorlogen {mv}
wars
oorlogsschip {het}
warship
oorlogstijd
wartime
oorlogstijd {de}
wartime
oorlogsmoe
war-weary