Nederlandse versie
Meaning of
"versnellen"
in English language
Dutch to English
English to Dutch
Dutch
English
versnellen
accelerate
versnellen, bespoedigen, (snel/voort- varend afhandelen, tempo opvoeren)
accelerate, (speed up, expedite, step up)
versnellend
accelerative
versnellen
advance
versnellen, bespoedigen, vlot/voortvarend afhandelen
expedite, (accelerate, speed up)
versnellen
pick up
versnellen
quicken
versnellen
speed up
versnellen
speedup
versnellen
to accelerate; to speed up; to quicken
versnellen
to speed up