Nederlandse versie
Translate
"acquaint"
to Dutch Language
English to Dutch
Dutch to English
English
Dutch
acquaint
voorstellen
acquaint
voorlichten
acquaint
verwittigen
acquaint
vertonen
acquaint
uitvoeren
acquaint
steken
acquaint
spelen
acquaint
presenteren
acquaint
meedelen
acquaint
mededelen
acquaint
invoeren
acquaint
introduceren
acquaint
inlichten
acquaint
informeren
acquaint
indienen
acquaint
in kennis stellen
acquaint
brengen op de hoogte
acquaint
binnenleiden
acquaint
berichten
acquaint
aankondigen
acquaint
aanbieden
acquaint oneself
zich bekend maken
acquaint oneself with
zich op de hoogte stellen van
acquaintance
relatie
acquaintance
kunde
acquaintance
kennismaking {de}
acquaintance
kennismaking
acquaintance
kennis {de} (bekende)
acquaintance
kennis
acquaintance
bekendheid
acquaintance
bekende {de}
acquaintance
bekende
acquaintances
omgeving
acquaintances
kennissen
acquaintances
bekenden {mv}
acquainted
op de hoogte brengen
acquainted with
bekende
acquainted with
bekend
acquainting
het op de hoogte brengen
acquaints
brengt op de hoogte