Nederlandse versie
Translate
"bow"
to Dutch Language
English to Dutch
Dutch to English
English
Dutch
bow
voorsteven
bow
voorschip
bow
toog
bow
strijkage
bow
revérence
bow
nijging
bow
nijgen
bow
een buiging maken
bow
buiging
bow
buigen
bow
boog {de}
bow
boog
bow
boeg
bow and arrow
pijl-en-boog {de}
bow tie
vlinderdas {de}
bow; convexity
bolheid
bow; temple
brillepoot
Bowden cable; control cable
schuifkabel
Bowden cable; control cable
Bowdenkabel
bowdlerize
kuisen
bowed
gebogen
bowel
darm
bowel disease
prikkelbare darm
bowels
ingewanden {mv}
bowels
darmen {mv}
bowels
darmen
Bowen’s Disease
ziekte van Bowen; het epithelioma van Bowen
bower
prieel
bowers
prielen
bowery
schaduwrijk
bowing
stokvoering
bowl
vont
bowl
stadium
bowl
stadion
bowl
stadie
bowl
sportpark
bowl
schaal {de}
bowl
schaal
bowl
kom {de}
bowl
kom
bowl
etappe
bowl
bekken
bowl
bal
bowl cut
bloempotkapsel {het}
bowled
geworpen
bowlegged
met o-benen
bowlegs
o-benen {mv}
bowlegs
o-benen
bowler
bowlingspeler
bowlers
bowlingspelers
bowline
boelijn
bowlines
boelijnen
bowling
kegelen
bowling
bowling
bowls
kommen
bowman
boogschutter
bowmen
boogschutters
bows
bogen
bowsprit
boegspriet
bowsprits
boegsprieten