Nederlandse versie
Translate
"grasp"
to Dutch Language
English to Dutch
Dutch to English
English
Dutch
grasp
waardering
grasp
vatten
grasp
vat
grasp
vastpakken
grasp
vastgrijpen
grasp
slag
grasp
inname
grasp
grijpen
grasp
greep
grasp
bemachtigen
grasp
begrijpen
grasp
beetpakken
grasp
aangrijpen
grasp (understanding)
inzicht {het}
grasp (understanding)
begrip {het}
grasped
begrepen
grasping
vrekkig
grasping
verlekkerd
grasping
schraperig
grasping
pinnig
grasping
inhalig
grasping
het begrijpen
grasping
hebzuchtig
grasping
happig
grasping
gretig
grasping
gierig
grasping
belust
grasping
begerig
grasps
grepen