English version
prick
betekenis
"prick vertaling"
Engels > Nederlands
Nederlands > Engels
Engels
Nederlands
prick
stoot
prick
steken
prick
steek
prick
snikkel
prick
schram
prick
schoppen
prick
prikken
prick
prik
prick
pik
prick
pek
prick
lul
prick
leuter
prick
jongeheer
prick (vulg.)
lul {de} (vulg.)
prick; to stick; to puncture
prikken
pricked
geprikte
pricking
het prikken
pricking tool
prikgereedschap
prickle
wervelkolom
prickle
stekel
prickle
spin
prickle
prikkeling
prickle
doorn
prickle-cell layer; spinous layer of epidermis; stratum spinosum epidermidis; stratum filamentosum
stratum van Malpighi; de laag van Malpighi
prickle-cell, malpighian cell
cel van Malpighi; de stekelcel
prickled
getintelde
prickles
prikkelingen
pricklier
stekeliger
prickliest
het stekeligst
prickliness
stekeligheid
prickling
het tintelen
prickly
stekelig
pricks
prikken