Nederlandse versie
Meaning of
"graag"
in English language
Dutch to English
English to Dutch
Dutch
English
graagte
alacrity
graagte
appetite
graagte
avidity
graagte
covetousness
graag gedaan
dontmentionit
graagte
eagerness
graag
gladly
graagte
greediness
graag of niet, (je moet het) zelf weten
take it or leave it
graag
willingly
graag
with pleasure
Graag gedaan.
You are welcome!
graag gedaan
you’re welcome
graaggedaan
you’re welcome