Nederlandse versie
Meaning of
"voordeel"
in English language
Dutch to English
English to Dutch
Dutch
English
voordeel
advantage
voordeel {het}
advantage
voordeel
advantage; benefit; profit
voordeel
benefit
voordeel {het}
benefit
voordeel van de twijfel
benefit of the doubt
voordeel-, voordelig, goedkoop
budget
voordeel
earnings
voordeel
gain
voordeel
interest
voordeel
net
voordeel
profit
voordeel trekken uit
profit
voordeeltrekkenuit
profit
voordeel
reward
voordeel hebben bij
to take advantage of
voordeel
vantage