Nederlandse versie
Translate
"age"
to Dutch Language
English to Dutch
Dutch to English
English
Dutch
age
verouderen
age
tijdsgewricht
age
tijdperk {het}
age
tijdperk
age
ouderdom
age
leeftijd {de}
age
leeftijd
age band
leeftijdsgroep
age group)
leeftijdsklasse
age-bracket
leeftijdsgroep
aged
verouderd
aged
ouderen
aged
oud
aged (very old)
hoogbejaard
agegroup
leeftijdsgroep
ageing
veroudering
ageing
vergrijzing {de}
ageing test; aging test
verouderingstest
ageing test; aging test
ouderingsproef
ageing; aging
oudering
ageless
eeuwig jong
agelimit
leeftijdsgrens
agencies
agentschappen
agency
wijze
agency
trant
agency
manier
agency
kantoor
agency
bureel
agency
bureau
agency
agentuur
agency
agentschapsbureau
agency
agentschap {het}
agency
agentschap
agency
1 agentschap, kantoor, bureau; 2 afdeling; 3 orgaan
agenda
zakalmanak
agenda
dagorder
agenda
dagorde {de} (BN)
agenda
dagorde
agenda
agenda {de}
agenda
agenda
agendas
agenda’s
agent
zaalchef
agent
zaakwaarnemer
agent
zaakbezorger
agent
werktuig
agent
vertegenwoordiger
agent
tussenpersoon
agent
rentmeester
agent
opzichter
agent
middel
agent
meier
agent
makelaar
agent
intermediair
agent
intendant
agent
dealer
agent
bemiddelaar
agent
agent {de}
agent
agent
agent (choking, incapacitating, non- persistent, defoliating)
1. chemisch strijdmiddel 2. agent (inlichtingen), contact (man)
agents
agenten
age-old
eeuwenoud
agerange
leeftijdsgroep
ages
leeftijden