Nederlandse versie
Translate
"coat"
to Dutch Language
English to Dutch
Dutch to English
English
Dutch
coat
van een laagje voorzien
coat
overjas
coat
mantel
coat
laag
coat
jas, mantel
coat
jas {de}
coat
jas
coat
bekleden
coat
bedekken
coat hanger
kleerhanger {de}
coat hook
kleerhaak {de}
coat of arms
wapenschild {het}
coat of arms
wapen {het} (wapenschild)
coat of paint; paint coat
verflaag
coat of paint; paint coat
verfbedekking
coat rack
kapstok {de}
coat stand
kapstok {de}
coated
met een laag bedekt
coated cathode
met laag bedekte kathode
coated filament
met laag bedekte gloeidraad
coated optics
gecacheerde optica
coated tablet
enteric coated coated tablet; de tablette met enteriekbeklading
coaten
1 overdekken, van een laagje voorzien; 2 (optica) veredelen; ontspiegelen, kleuren, anti-kraslaag
coating
strijklaag
coating
laag
coating
deklaag
coating
beschermlaag(je)
coating; covering; plating
bedekking
coatrack
kapstok
coatracks
kapstokken
coats
lagen
coats
jassen {mv}
coats
jasen