Nederlandse versie
Translate
"occur"
to Dutch Language
English to Dutch
Dutch to English
English
Dutch
occur
voorvallen
occur
voorkomen
occur
komen voor
occur
geschieden
occur
gebeuren
occur
aandehandzijn
occur
aan de hand zijn
occur intermittently
mettussenpozenwerken
occurence
voorval
occurence
voorkomen
occurence
incident
occurence
geval
occurence
gelegenheid
occurence
gebeurtenis
occurence
gebeuren
occurences
voorkomen
occurintermittently
met tussenpozen werken
occurred
kwam voor
occurrence
voorval {het}
occurrence
voorkomen
occurrence
occurrentie
occurrence
gebeurtenis {de}
occurrence
gebeurtenis
occurrence
gebeurde {het}
occurrence, (event)
gebeurtenis
occurrences
voorkomen
occurrences
gebeurtenissen
occurring
het voorkomen
occurs
komt voor