Nederlandse versie
Translate
"urge"
to Dutch Language
English to Dutch
Dutch to English
English
Dutch
urge
zwepen
urge
verlangen {het}
urge
urgentzijn
urge
urgent zijn
urge
tothaastaanzetten
urge
tot haast aanzetten
urge
opwekken
urge
jachten
urge
haasten
urge
dringen
urge
drang {de}
urge
drang
urge
aanwakkeren
urge
aanvuren
urge
aansporen
urge on
verlevendigen
urge on
aanzetten
urge on
aanwakkeren
urge on
aanvuren
urge, (prompt, incite)
aandringen, dringend verzoeken, (aanzetten)
urged
aangespoorde
urgency
urgentie {de}
urgency
urgentie
urgency
spoed
urgency
aandrang
urgency list
urgentielijst
urgency treatment
spoedbehandeling
urgency; urgent need to urinate; needing to go to the toilet
aandrang; de dringende noodzaak; de tenesmus vesicae; de strangurie; de blaaskramp
urgent
urgent
urgent
spoedeisend
urgent
dringend
urgent
brandend
urgent shipment
spoedzending
urgent; pressing
urgent
urgently
urgent
urgently
metspoed
urgently
met spoed
urges
drang