Nederlandse versie
Translate
"be"
to Dutch Language
English to Dutch
Dutch to English
English
Dutch
be
zijn
be
zich bevinden
be
worden
be
wezen
be
verkeren
be
staan
be
leven
be
geweest
be
bestaan
be a guest of
te gast zijn
be a guest of
logeren
be able to
vermogen
be able to
kunnen
be able to
in staat zijn
be accepted
geaccepteerd worden
be accepted
aanvaard worden
be achcomber
strandjutter
be achcomber
lange strandgolf
be achcombers
lange strandgolven
be acquainted with
kennen
be acquainted with
bekend zijn met
be adrift
drijven
be adrift
afdrijven
be advised
inlichtingen vragen
be advised
informeren
be advised
informatie inwinnen
be afraid of
vrezen
be afraid of
terugschrikken voor
be afraid of
schromen
be afraid of
duchten
be afraid of
bang zijn voor
be aguest of
te gast zijn
be aguest of
logeren
be alive
leven
be allowed to
mogen
be among
behoren
be anstalk
bonestengel
be anstalks
bonestengels
be answerable
verantwoorden
be answerable
verantwoordelijk zijn
be answerable
aansprakelijk zijn
be appropriate
voegen
be appropriate
uitkomen
be appropriate
schikken
be appropriate
passen
be appropriate
gelegen komen
be appropriate
betamem
be aquainted with
kennen
be ashamed
zich schamen
be ashamed
zich generen
be ashamed
beschaamd staan
be asleep
slapen
be asleep
maffen
be aware of
zich realiseren
be aware of
zich bewust zijn van
be aware of
zich bewust zijn
be aware of
beseffen
be balding
kalen
be bankrupt
mislukken
be bankrupt
failliet gaan
be bankrupt
failleren
be bankrupt
bankroet gaan
be beaten
verslagen worden
be beaten
verliezen
be blunt
zich openhartig/ondiplomatiek uitdrukken
be bold
wagen
be bold
durven
be bold
bestaan
be bored
zich vervelen
be born
spruiten
be born
ontluiken
be born
geboren worden
be bound to
gehouden
be burnt down
verbranden
be burnt down
afbranden
be called
heten
be called
genoemd worden
be calmed
gekalmeerd
be came
werd
be careful
oppassen
Be careful!
Pas op!
be closed
zich sluiten
be closed
toevallen
be closed
toegroeien
be closed
toegaan
be closed
sluiten
be closed
dichtgaan
be come the husband of
trouwen met
be come the husband of
huwen
be come the wife of
trouwen met
be come the wife of
huwen
be come the wife of
de vrouw worden van
be coming
toepasselijk
be coming
het worden
be coming
geschikt
be coming
gepast
be coming
betamelijk
be comings
het worden
be conscious of
zich realiseren
be conscious of
zich bewust zijn