Nederlandse versie
Translate
"need"
to Dutch Language
English to Dutch
Dutch to English
English
Dutch
need
zullen
need
vorderen
need
vergen
need
vereisen
need
term
need
rekenen
need
pauperisme
need
opeisen
need
noodzaak
need
nood {de}
need
nood
need
nodighebben
need
nodig hebben
need
motief
need
moeten
need
hoeven
need
eisen
need
dienen
need
beweegreden
need
behoren
need
behoeven
need
behoeftigheid
need
behoefte {de}
need
behoefte
need
aanleiding
need (necessity)
noodzaak {de}
need date
behoeftedatum
need; necessity; distress
nood
needed
nodig
needful
noodzakelijk
needier
behoeftiger
neediest
het behoeftigst
neediness
armoede
needing
het vereisen
needle
wijzer
needle
speld
needle
naald {de}
needle
naald
needle
kompasnaald
needle bearing
naaldlager
needle cage
naaldkooi
needle exchange
spuitenomruil
needle file
steelvijl
needle gap
naaldopening
needle holder
naaldhouder
needle pulse
naaldimpuls
needle roller
naaldrol
needle scratch; needle talk
naaldruis
needle scratch; needle talk
naaldkras
needle thrust bearing
naaldtaatslager
needle tip; stylus tip
naaldpunt
needle valve
naaldklep
needle valve
naaldafsluiter
needle; stylus; pointer; index
naald
needlefish
geepvis
needlepoint
speldepunt
needle-roller bearing
naaldrollager
needles
naalden {mv}
needles
naalden
needle-spray valve
naaldverstuiverklep
needless
overbodig
needless
onnodig
needless
nodeloos
needlessly
overbodig
needlewoman
naaister
needlework
naaldwerk
needlework
naaiwerk
needlework
naaivak
needlework
naaikunst
needlework
naaien
needlework
handwerk
needs
behoeften
needs assessment
behoeftenonderzoek
needy
nooddruftig
needy
berooid
needy
behoeftig